De geschiedenis van wijn

Geschiedenis van wijn

Wijnbouw vanaf 8500 jaar v.Chr.
De Europese wijndruif groeit in primitieve vorm in Georgië en Armenië. De druif klimt tot hoog in de bomen en geeft een grote hoeveelheid kleine blauwe trosjes waarvan later de eerste rode wijn gemaakt zou worden.

In deze Neolithische periode gaan de als nomade levende volkeren zich geleidelijk vestigen in nederzettingen in onder andere Rusland en Iran. Tijdens deze samenleving vindt de cultivatie van de blauwe druif en zijn toepassing plaats. Vondsten in noordelijk Iran van wijnkruiken met een inhoud van 9 liter tonen het maken van rode wijn aan.

Wijnbouw vanaf 4000 jaar v.Chr.
De wijnranken worden onder andere naar Egypte gebracht. Er ontstaat een bloeiende wijnindustrie en handel in de Nijldelta tussen Egypte en Palestina, omvattend het moderne Israël, Gaza en Jordanië. Taferelen van wijn maken en wijnkruiken in de Egyptische graftombes laten ons het belang van de wijn zien bij Farao's vanaf de Vroege Dynastieke Periode. Mesopotamië, het tweestromenland van de rivieren Euphraat en Tigris, kende eveneens een vroege wijncultuur. Gevonden tableaus met spijkerschrift vertellen ons dat er in 3.089 voor het begin van onze jaartelling reeds een wijngodin werd vereerd.

Geschiedenis van wijn

Wijnbouw vanaf 8500 jaar v.Chr.
De Europese wijndruif groeit in primitieve vorm in Georgië en Armenië. De druif klimt tot hoog in de bomen en geeft een grote hoeveelheid kleine blauwe trosjes waarvan later de eerste rode wijn gemaakt zou worden.

In deze Neolithische periode gaan de als nomade levende volkeren zich geleidelijk vestigen in nederzettingen in onder andere Rusland en Iran. Tijdens deze samenleving vindt de cultivatie van de blauwe druif en zijn toepassing plaats. Vondsten in noordelijk Iran van wijnkruiken met een inhoud van 9 liter tonen het maken van rode wijn aan.


Wijnbouw vanaf 4000 jaar v.Chr.

De wijnranken worden onder andere naar Egypte gebracht. Er ontstaat een bloeiende wijnindustrie en handel in de Nijldelta tussen Egypte en Palestina, omvattend het moderne Israël, Gaza en Jordanië. Taferelen van wijn maken en wijnkruiken in de Egyptische graftombes laten ons het belang van de wijn zien bij Farao's vanaf de Vroege Dynastieke Periode. Mesopotamië, het tweestromenland van de rivieren Euphraat en Tigris, kende eveneens een vroege wijncultuur. Gevonden tableaus met spijkerschrift vertellen ons dat er in 3.089 voor het begin van onze jaartelling reeds een wijngodin werd vereerd.

 

Wijnbouw vanaf 2000 jaar v.Chr.
Uit overleveringen weten we dat Palestina en Libanon goede wijnlanden waren waar ze in die tijd al rode wijn maakte van een (zeer) matige kwaliteit. Men maakte er een bittere dorstlessende rode wijn van vroeg geplukte druiven. Deze rode wijn werd met water vermengd gedronken. Wijn en wijnranken veroverden geleidelijk aan Griekenland. De Grieken en de Feniciërs hebben waarschijnlijk de eerste wijngaarden in Noord Afrika, AndaIusië, de Provence, Sicilië en het Italiaanse vastenland aangelegd. In het huidige Toscane en Lazio waren het de Etrusken die de wijnbouw brachten.

 

Wijnbouw vanaf 1000 v.Chr.
De wijnstok doet zijn intrede in Spanje, Portugal en het zuiden van Frankrijk. Geleidelijk aan neemt in Italië naast de verbouw van graan de aanplant van druivenstokken een grote vlucht. Het land verdringt de Grieken als belangrijkste wijnleverancier.

 

Wijnbouw vanaf het begin van onze jaartelling tot 500
De Romeinen stichtten vele handelscentra voor wijn in de rivierdalen van de veroverde gebieden. In eerste instantie werd wijn meegenomen door de Romeinen, maar al spoedig werden meegebrachte wijnstokken aangeplant en ontstonden de nu nog steeds bekende wijngebieden zoals: Bordeaux, Champagne, Rhône, Bourgogne, Loire, Rijn en Moezel.

 

Wijnbouw tussen 500 en 1000
Met de val van het Romeinse Rijk brak de periode van vroege Middeleeuwen aan. Vele wijngaarden gingen verloren of raakten in verval. De kerk leerde de geheimen van het wijnvak en begon geleidelijk aan oude wijngaarden een nieuw leven in te blazen en nieuwe wijnstreken te ontwikkelen. Uit erfenissen en schenkingen verkreeg de geestelijkheid meer en meer goede wijnpercelen. Zo bleef wijn en wijnbouw bewaard voor het nageslacht. Vooral onder het bewind van Keizer Karel de Grote (rond 800) bloeiden kloostergemeenschappen op en ontwikkelden goede methoden voor de verzorging van wijnstokken en wijn.

 

Wijnbouw tussen 1000 en 1700
De Benedictijner monniken brachten vele wijngebieden tot grote bloei, maar minstens zo bekend is hun enorme wijngebruik. Dit was een van de ordeleden, de Heilige Bernardus (Bernardus van Clairveaux) een doorn in het oog en hij scheidde zich in 1113 af van de Benedictijnen en trad toe tot de orde der Cisterciënzers. Onder zijn leiding werd de orde zeer succesvol en bouwde over geheel Europa schitterende kloosters en creëerde beroemde wijngaarden zoals Clos de Vougeot in de Bourgogne en Steinberg in de Rheingau. De grote uitzondering op de dominantie van de kerk was Bordeaux. Door een huwelijk werd het hertogdom Aquitanië van 1153 tot 1455, dat het grootste gedeelte van West Frankrijk omvatte, verbonden met de Engelse kroon. De Engelsen waren de grootste afnemers van de met lichte rode wijn uit dit omvangrijke wijngebied.

  

Wijnbouw tussen 1700 en 1900
In de 18de en 19de eeuw zien we, stukje bij beetje, de kwaliteit van rode wijn en witte wijn de overhand nemen. Tot dan toe zat de wijn alleen op vat en werd hieruit afgetapt. Hoe verder het vat leeg raakte, hoe minder de kwaliteit van de rode wijn was. In deze tijd werden flessen door nieuwe industriële technieken sterker en goedkoper, tevens deed de kurk opnieuw zijn intrede. De wijnbereiding en een gedeelte van de Iagering had plaats op vat, daarna liet men de rode wijn verder rijpen op fles, waardoor de wijn aan kwaliteit won. Geleidelijk is onze huidige wijn ontstaan. In de tweede helft van de 19de eeuw kregen de Europese wijngaarden met ziekten te maken. Eerst meeldauw, maar echt rampzalig was de Phylloxera Vastatrix of druifluis. Door de druifluis werden de wortels van de wijnstok aangevreten. Deze uit Amerika afkomstige luis vernietigde in korte tijd vele wijngebieden (waaronder heel Frankrijk). De oplossing van deze ware plaag werd gevonden in het enten van de bekende wijnstokken op Amerikaanse onderstammen. Deze bleken bestand (resistent) tegen de Phylloxera. Het herstel van de wijngebieden heeft, mede onder invloed van de slechte economie en twee wereldoorlogen, lang geduurd.

 

Wijnbouw vanaf 1900
In de 20ste eeuw hebben wijn en wijnbouw een flinke groei doorgemaakt. Denk alleen maar aan de veranderende technieken op wijnmakersgebied. Daarnaast al de nieuwe wijnlanden die sinds enkele decennia hun intrede deden. In de laatste eeuw zijn er meer producerende wijnlanden dan ooit, die samen een enorme hoeveelheid rode wijn, witte wijn, rose wijn en mouserende wijnen op de markt brengen. Al met al wordt de wijnwereld steeds interessanter voor de wijnliefhebber.

Bron: De wijnwereld, Michel van Tuil

Reacties

Wees de eerste om te reageren...

Laat een reactie achter
* Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.
* Verplichte velden