Château Vieux Chaigneau 2011 Pomerol

Uit het beroemde wijngebied Lalande de Pomerol komt deze rode wijn van Château Vieux Chaigneau. In de wijn kom je geuren tegen van pruimen, bramen, cederhout, pure chocolade en zoethout. De smaak is buitengewoon harmonieus en gestructureerd. Rijpe, a...

Lees meer...

Uit het beroemde wijngebied Lalande de Pomerol komt deze rode wijn van Château Vieux Chaigneau. In de wijn kom je geuren tegen van pruimen, bramen, cederhout, pure chocolade en zoethout. De smaak is buitengewoon harmonieus en gestructureerd. Rijpe, ademende frisheid, intense, maar gepolijste tannines. Een fantastisch glas rode wijn voor bij een mooi diner. Wijn uit het wijngebied Pomerol en Lalande de Pomerol zijn kostbaar maar deze Pomerol is naar onze mening zijn prijs meer dan waard. De wijn is (zoals bijna alle wijnen uit Pomerlo en Lalande de Pomerol) een blend van verschillende druivensoorten. Château Vieux Chaigneau heeft 12 maanden op Frans eikenhouten vaten gelegen voordat hij gebotteld werd. De wijn heeft een bewaarpotentieel van minimaal 15 jaar.



Smaakprofiel en kenmerken

 

Land/gebied Frankrijk, Lalande de Pomerol
Wijnhuis Château Vieux Chaigneau
Jaar 2011
Geur Frambozen, rood fruit , kruiden, vanille
Smaakprofiel Elegante tannines en mooi gebalanceerd    
Druif Merlot 75% Cabernet Sauvignon 15% Cabernet Franc 10%
Bewaren tot Nu op dronk, bewaren tot 2030
Serveertip Biefstuk, lamsvlees, lasagna, entrecote

 



Wijngebied Bordeaux Medoc

De Médoc (onderdeel van het grote wijngebied Boredaux) ligt aan de linkerkant van de rivier de Gironde, boven de stad Bordeaux. Een strook van ongeveer 80 kilometer lang en hooguit 10 kilometer breed. Nergens anders in de Bordelais vind je zoveel Grand Cru Classées als hier. Het overgrote deel van de Médoc wijnen is rood en wordt gedomineerd door de Cabernet Sauvignon druif. Deze kleine druif met zijn dikke schil is goed voor (veel) meer dan de helft van de blend van vrijwel elke wijnmaker. Dit in tegenstelling tot wijnen die gemaakt worden aan de rechter oever van de Bordeaux met de beroemde dorpen zoals Pomerol en Saint-Emillion. Zij maken hun blends veelal met Merlot en aangevuld met Cabernet, Cabernet Franc en Petit Verdot.

Het meest noordelijk in de Médoc liggen Saint-Estèphe, Pauillac en Saint-Julian. Hier staan niet de meest pompeuze châteaux, maar wel de beroemdste wijnhuizen van de Bordelais. Met bekende namen als Lafite-Rothschild, Latour en Mouton-Rothschild. In totaal kent het gebied maar liefst 34 geclassificeerde châteaux, waarvan 18 rond het dorpje Pauillac. Pauillac is dan ook de meest prestigieuze van de drie, met krachtige, fraai gestructureerde wijnen. In Saint-Estèphe geeft de Cabernet Sauvignon meer tannine af, wat de wijnmakers compenseren met een hoger aandeel van de zachtere Merlot. In Saint-Julian wordt een groot deel van de wijn gemaakt door geclassificeerde Grand Cru's, maar in het gebied ontbeert een echt 1e Grand Cru Glasse en staat daardoor toch in de schaduw van Pauillac.



Druif Merlot, Cabernet Sauvignon en Cabernet Franc

De Merlot druif behoort tot de klassieke druiven waar rode wijn van wordt gemaakt in de Bordeaux en het is de belangrijkste druif in Saint-Emilion en Pomerol. Merlot werd het eerst in vermeld in 1784 als een van de betere rassen in het gebied van Libourne. De naam zou afkomstig zijn van het Franse woord merle (merel). De aanplant van Merlot is de laatste jaren aanzienlijk gestegen. Merlot is wereldwijd zeer populair voor het maken van rode wijn en men is steeds meer tot het inzicht gekomen dat Merlot in een vrij koele wijngaard moet worden aangeplant. Merlot wordt op deze manier heerlijk fruitig en intens van karakter. Merlot werd vaak met de Cabernet Sauvignon druif vermengd, maar wordt steeds meer gebruikt als een op zichzelf staand druivenras. Kenmerken zijn; zacht, kruidig, fruitig, zwarte bessen, pruimen, moerbei, bramen, chocolade, truffels en tabak.

Merlot brengt een zekere zachtheid in de rode wijn en zorgt dat de wijn zich wat sneller ontwikkeld en eerder op dronk is. In de Bordeaux en vooral in Saint Emilion en Pomerol wordt de rode wijn hoofdzakelijk van de Merlot gemaakt. Deze rode wijnen smaken veel zachter en ronder dan die van de Cabernet Sauvignon en zijn ook eerder op dronk. Rode wijn van Merlot kan ook als tafelwijn gebruikt worden vanwege de lage zuurgraad. Hij groeit het best op lichtere grondsoorten en is winterhard. De weerstand tegen ziektes is gering, behalve tegen meeldauw heeft hij meer weerstand. Vooral regen tijdens de oogstperiode kan aanzienlijke schade geven door rotting van de bessen. Maar ook in het voorjaar is de druif kwetsbaar door redelijk vroeg uitlopen van de stokken kan er schade door nachtvorst ontstaan.

Merlot is een productieve, vroeg rijpe, fruitige donkerblauwe druivensoort. Het sap is weelderig, fruitig en kan zwoel of bijna zoet zijn. De druif heeft een niet al te dikke schil, een relatief hoog suikergehalte en is in potentie erg productief. Als de productie (per hectare) te hoog wordt, worden de wijnen dun en licht.



Cabernet Sauvignon

Cabernet Suvignon staat zo ongeveer overal in Europa aangeplant, als laatrijpend druivenras met veel weerstand gedijt de Cabernet Sauvignon zeer goed in warmere klimaten en levert hij in Frankrijk, Californië, Australië, Zuid Afrika, Chili, maar ook in Italië en Spanje, kwalitatief goede rode wijnen op. Het is een van de bekendste en meest geteelde druivenrassen voor rode wijn. In de Bordeauxstreek en vooral in de Médoc is het de belangrijkste druif voor het maken van rode wijn en die zorgt dan ook voor de wereldberoemde rode wijnen die daar vandaan komen. De Cabernet Sauvignon kan op veel grondsoorten gedijen, behalve op heel vruchtbare bodems, waar de groei veel te sterk wordt.

De Cabernet Sauvignon is een kleine doffe donkerblauwe druif met een dikke schil en sap is zeer aromatisch. De druivenstok is goed bestand tegen wintervorst, alleen in het voorjaar kan schade ontstaan door nachtvorst. De weerstand tegen ziekten is groot, de Cabernet Sauvignon is alleen vatbaar voor meeldauw. Het groeiseizoen is lang, zodat de wijngaarden moeten worden aangeplant op een iets warmere plaats. De opbrengst is over het algemeen laag en de oogsttijd is gemiddeld tot laat, dus vanaf half oktober en later.

De Cabernet Sauvignon geeft over het algemeen zeer goede volle, tanninerijke rode wijnen, die vaak lang bewaard kunnen worden. Gedurende deze bewaartijd zal de rode wijn zich ontwikkelen in de fles en zal het smaakpatroon veranderen. Cabernet Sauvignon staat bekend om zijn kracht en diepe kleur, met veel tannines. Hij kan lang rijpen en dan een grote complexiteit bereiken. De smaak toont vaak cassis en kersen, in combinatie met een aangename kruidigheid. Aroma’s van donkerrood fruit zoals zwarte bessen, rijpe pruimen, kruidig, kaneel, menthol, munt, eucalyptus, bieten, olijven en drop. Vermengd met Merlot en Cabernet Franc worden de wijnen wat zachter en robuuster.

Rode wijn gemaakt van Cabernet Sauvignon druiven hebben over het algemeen veel kleur, terwijl ze in hun smaak behoorlijk veel fruit en de nodige tannines bieden. Bij overproductie of onvoldoende rijpheid maak het fruit plaats voor een onaangenaam vegetale toon die aan groene paprika doet denken. Jonge Cabernet Sauvignon wijnen kunnen door de tannines wat stug overkomen. Daarom worden ze vaak geblend met zachtere rassen zoals de Merlot of Syrah. Omgekeerd wordt Cabernet Sauvignon regelmatig gebruikt als aanvullende druif om de smaak van traditionele rassen in een bepaald gebied wat complexer te maken.



Cabernet Franc

Cabernet Franc is het kleine broertje van de Cabernet Sauvignon en belangrijkste druif voor rode wijn uit de Loire streek in het noorden van Frankrijk. De wijn is gebaat bij goede rijpheid. In jaren met beperkte rijpe druiven wordt de wijn gekenmerkt door een vegetaal aroma dat doet denken aan groene paprika. De rode wijn gemaakt van Cabernet Franc druiven kunnen variëren van lichte, fruitige wijnen tot zeer geconcentreerde wijnen. In de Bordeaux speelt de Cabernet Franc een belangrijke rol in assemblages met Cabernet Sauvignon en Merlot. Deze variëteit die ook wel bouchet of breton genoemd wordt, gold lange tijd als het kleine broertje van de Cabernet Sauvignon. Met zijn vroegrijpheid is hij vooral geschikt voor koelere streken, waardoor hij het ook zo goed doet in Saint-Émillion.

Aan de Loire worden van de Cabernet Franc cépagewijnen gemaakt. Hij heeft een mooie druif, bescheiden tannine en vaak wat meer zuur dan de krachtigere Cabernet Sauvignon. Terwijl hij vroeger veel gebruikt werd voor lichte bistrowijntjes, met name in Noordoost Italië, worden er de laatste jaren aan de Loire uitstekende, fluweelzachte en volle wijnen van gemaakt. Een toegankelijke, kruidige, donkerblauwe druivensoort die vrijwel altijd wordt vergeleken met de Cabernet Sauvignon. Net als deze druif heeft de Cabernet Franc flink wat tannine, maar blijft minder uitgesproken in geur en smaak, wel wat kruidiger. Ook rijpt Cabernet Franc vroeger wat hem bestaansrecht geeft in Bordeaux.

In de Loire, waar hij veel is aangeplant, geeft hij helderrode, frisse fruitige wijnen. De druif heeft een geur en smaak van aardbeien of frambozen, viooltjes en potloodslijpsel. In koelere klimaten zoals in de Loire worden de wijnen fris en fruitig. Ook wordt de Cabernet Franc veel gebruikt als basis voor rosé. Deze rosé wijnen zijn kruidig, wat boers met een donkerroze kleur.


0 sterren gebaseerd op 0 beoordelingen