Vallana Boca Nebbiolo 2011 Italië

Het wijnhuis Vallana maakt zeer bijzondere en exclusieve wijnen van druivensoorten als Nebbiolo, Vespolina en Uva Rara. In de wijn vindt je heerlijke geuren van pruimen, rozen, gedroogd fruit en kruidnagel. De smaak is tanninerijk en heeft iets aards...

Lees meer...

Het wijnhuis Vallana maakt zeer bijzondere en exclusieve wijnen van druivensoorten als NebbioloVespolina en Uva Rara. In de wijn vindt je heerlijke geuren van pruimen, rozen, gedroogd fruit en kruidnagel. De smaak is tanninerijk en heeft iets aards (bosgrond, paddenstoelen) en nog redelijk wat zuren.

Het wijnhuis Valana in de Alto Piemonte wat gelegen is in het Noorden van Italië produceert uitzonderlijke bewaarwijnen. De Boca van het wijnhuis Vallana is zeer zeldzaam omdat deze in een heel kleine oplage geproduceerd wordt. Het bijzondere is ook nog dat dit een "long aging wine" is. Dit betekent dat je de rode wijn wel 30 tot 40 jaar kan bewaren. We kwamen dit wijnhuis 15 jaar geleden tegen op een zoektocht door de Piemonte en zijn sinds 4 jaar exclusief importeur voor alle Europese landen buiten Italië. Van dit wijnhuis verkopen wijn ook de Spanna en Gattinara




Smaakprofiel en kenmerken

 

Land/gebied Italië (Alto-Piemonte)
Wijnhuis Vallana
Jaar 2011
Geur Geuren van pruim, rozen, gedroogd fruit, tabak en kruidnagel
Smaakprofiel Aardse (bos)grond, paddenstoelen en redelijk wat zuren
Druif Nebbiolo, (65%), Vespolina (20%) en Uva Rara (15%)
Bewaren tot  2045
Serveertip Ossobuco, rood vlees, markreel, pasta’s en wild

 
 

Wijnhuis Vallana

De familie Vallana en wijn zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. De familie Vallana kent een rijke wijngeschiedenis, die teruggaat tot in 18e eeuw. Volgens de familiekronieken begint de wijngeschiedenis van de familie met Canon Gaftano Perrucconi, die als butler van de Bisschop van Novara het beheer krijgt over de wijngaarden. Canon Gaftona Perrucconi wijdt zijn leven aan het produceren van de beste “Spanna” (de lokale benaming van Nebbiolo in Alto Piemonte). 

Na zijn dood in 1859 gaan de wijngaarden over op zijn aangetrouwde neef Bernardo Vallana. Na enkel generaties wordt de passie voor het maken van wijn en de dagelijkse leiding van het familiebedrijf overgedragen aan Giuseppina Vallana. Zij krijgt het maken van wijn van haar vader Antonio met de paplepel ingegoten. Samen met haar man Guy Fogarty, zet ze het bedrijf van haar vader voort. Guy wordt door Antonio zelf opgeleid tot wijnmaker. 

De jaren ’80 en ’90 zijn topjaren voor wijnhuis Vallana. De ene na de andere internationale prijs wordt binnengesleept. Maar dan overlijdt Guy en moet Giuseppina het alleen doen. Vader Antonio is dan ook al overleden. Samen met haar drie kinderen en haar moeder Marina neemt ze de taak op zich om de familietraditie voort te zetten én een volgende stapte zetten. En niet zonder succes! De wijnen van Vallana staan nog steeds voor kwaliteit en topklasse.


Vinivicatie

De druiven worden geoogst in de eerste week van oktober en worden zodanig gevinifieerd dat de wijn geschikt is voor lange rijping. Het wijnhuis Vallana brengt traditioneel haar wijnen pas na tenminste twee jaar rijping op de markt. Al de wijnen van Vallana ondergaan de malolactische gisting tijdens de eerste winter. In het voorjaar wordt de Spanna overgebracht naar eikenhouten vaten voor zes maanden. De grootte van de vaten varieert tussen 5 en 12 hl. Na zes maanden, als de wijn is gebotteld, wordt de Spanna nog 1,5 jaar bewaard in de kelder. 

 

Wijngebied Alto-Piemonte

De wijngaarden van wijnhuis Vallana bevinden zich aan de voet van de Alpen, in Alto Piemonte, waar al eeuwen wijnbouw wordt gepleegd en de wijnen, die er vandaan komen, een grote reputatie genieten. Wijn, afkomstig uit Alto Piemonte wordt vooral gemaakt van de Nebbiolo-druif, die lokaal dus bekend staat als “Spanna”. Alto Piemonte ligt op de grens van het mediterrane klimaat van Italië en het gematigde klimaat van Europa. Door het vele water (Lago Maggiore, Lago Orta) in combinatie met het microklimaat van de Alpenvallei kent Alto Piemonte een bijzonder klimaat. De winters zijn koud en droog, de lente is mild en regenachtig en de zomers zijn heet. 

Het vele water zorgt ervoor dat echt heel extreem weer weinig voorkomt. De terroirs van Alto Piemonte staan bekend om hun zure grond, rijk aan ijzer en zijn gelegen op heuvels, die lang geleden gevormd zijn van oude sedimenten (kleine deeltjes stenen, zand en grind), die zijn overgebleven van grote gletsjers uit de IJstijd. 

 

Druif Nebbiolo

De Nebbiolo druif is de beste en edelste rode druivensoort van Italië. Omdat de Nebbiolo druif zeer langzaam rijpt wordt deze als allerlaatste van alle druivensoorten in de Piemonte geoogst. Meestal in de 2e helft van oktober of zelfs pas in de 1e week van november. De naam is waarschijnlijk ook afkomstig van het woord “nebbia” of mist, die rond deze periode in de ochtend de dalen in Piemonte vult. De Nebbiolo druif is waarschijnlijk ook een van de bekendste druivensoorten van Italië en wordt vanwege zijn geweldige kwaliteiten ook wel “de koning” onder de Italiaanse druivensoorten genoemd. Mogelijk komt dit ook door de connectie met de bekendste wijn van deze druif, de Barolo. Want de wijn wordt ook wel “Wine of Kings and King of wines” genoemd. Alhoewel de Nebbiolo druif waarschijnlijk al eeuwen lang verbouwd werd in Piemonte is de opkomst en grote roem begonnen halverwege de 19e eeuw. Toen werd de Franse wijnmaker Louis Oudart gevraagd om de kwaliteit van de plaatselijke wijn te verbeteren. Hij ontdekte dat het fermentatieproces verbeterd kon worden door o.a. toepassing van de zogenaamde ‘malolactische fermentatie’, en dat de druif dan zeer geschikt was voor het maken van droge rode wijn, want tot dan toe was Barolo vooral een zoete wijn.

Doordat de Nebbiolo zeer langzaam rijpt moet deze eigenlijk alleen worden aangeplant op de warmste hellingen die het meeste zon krijgen en de meeste beschutting hebben in koelere periodes. Het beste groeit de Nebbiolo druif tot 450 m boven zeeniveau. Zeker ook omdat de Nebbiolo typisch een vrij hoog gehalte aan tannines heeft, met name in de schil. Als de druiven niet goed rijp worden blijven de tannines onrijp, groen en hard, en dat wordt helaas niet beter door lange flesrijping. Vanwege deze tannines wordt de rode wijn gemaaktvan Nebbiolo druiven dan ook vaak op hout gerijpt, om zo de wijn zachter en ronder te maken. Maar ook dan blijft het een wijn die vooral als hij jong is redelijk veel tannines en veel structuur heeft. Vrijwel alle rode wijnen van de Nebbiolo druif hebben baat bij flesrijping, soms maar een paar jaar, maar zeker de cru wijnen hebben wel 10 tot 20 jaar nodig om mooi op dronk te raken en een mooie uitgewerkte en zachte smaak te krijgen. De Nebbiolo druif geeft lichtrode wijnen met een intrigerende geur van rozen, teer, soms kersen of pruimen, leer, verse groene kruiden of gedroogd fruit. Kenmerkend voor de smaak zijn tonen van rood fruit, met name frambozen, florale tonen zoals viooltjes, geraniums, rozenblaadjes en aardse tonen zoals (bos)grond, paddenstoelen en teer.


Druif Vespolina 

De Vespolina is een typisch Noord-Italiaanse druif. Hij groeit voornamelijk in Gattinara en Ghemme, in het Noorden van Piemonte. Een enkele keer kom je hem onder de schuilnaam Ughetta tegen in Lombardije. De zoete druif heeft een onweerstaanbare aantrekkingskracht op wespen (in het Italiaans: vespa) en dan hoeven we niet meer uit te leggen waar hij zijn naam aan te danken heeft.

De Vespolina is de laatste decennia steeds minder aangeplant. Veel wijnboeren vervangen hem liever door de populairdere Barbera.

0 sterren gebaseerd op 0 beoordelingen